Naar inhoud springen

pollen

Uit WikiWoordenboek
  • pol·len
  • [A] van Latijn  pollen zn  "fijn gemalen meel, bloem", in de betekenis van ‘stuifmeel’ aangetroffen vanaf 1847 [1] [2]
  • [B]  pol zn  met de uitgang -en
enkelvoud meervoud
naamwoord pollen pollen
verkleinwoord - -

[A]hetpolleno

  1. (beschrijvende plantkunde) stuifmeel

[B]depollenmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord pol
97 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[3]


enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  pollen     le pollen     pollens     les pollens  

pollen m

  1. (beschrijvende plantkunde) pollen; stuifmeel