Naar inhoud springen

beginsel

Uit WikiWoordenboek
  • be·gin·sel

Naamwoord van handeling van beginnen met het achtervoegsel -sel

enkelvoud meervoud
naamwoord beginsel beginselen,
beginsels
verkleinwoord beginseltje beginseltjes

hetbeginselo

  1. regel waar je je in ieder geval aan wilt houden
    • Artikel 10: Beginsel van loyale samenwerking (Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (VEG)). 
     Het beginsel van machtenscheiding ziet toe op de scheiding van de drie staatsmachten: de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht.[1]
  2. eenvoudig grondbegrip van een wetenschap
    • In de wetenschap is een belangrijk beginsel dat je geen bovennatuurlijke krachten als verklaring van een verschijnsel mag aanvoeren. 
  3. overtuiging, principe of stelling, met name op godsdienstig, moreel of politiek gebied
    • "Doe een ander niet wat u niet wilt dat u geschiedt" is een belangrijk moreel beginsel. 
     Sinds de uitweidingen van de historicus Johan Huizinga over sport aan het einde van de jaren dertig van de twintigste eeuw wordt erop gewezen dat sport in beginsel een vorm van 'spel' is - en dus te onderscheiden van werk.[2]
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[3]
  1. Helen Stout
    “De Nederlandse rechtsstaat” (2015), Amsterdam University Press op Wikipedia, ISBN 9789048528622
  2. Onno van Nijf
    “Sportgeschiedenis” (2021), Athenaeum - Polak & Van Gennep op Wikipedia, ISBN 9789025312275
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be