computerchip
Uiterlijk
- Geluid: computerchip (hulp, bestand)
- IPA: / kɔm'pjutərtʃɪp / (4 lettergrepen)
- com·pu·ter·chip
- samenstelling van computer en chip
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | computerchip | computerchips |
| verkleinwoord | computerchipje | computerchipjes |
de computerchip m
- (elektronica) (informatica) een klein stukje halfgeleiderkristal waarop geïntegreerde circuits zijn aangebracht
- Het woord computerchip staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Elektronica in het Nederlands
- Informatica in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal