computerzaak
Uiterlijk
- Geluid: computerzaak (hulp, bestand)
- IPA: / kɔm'pjutərzak / (4 lettergrepen)
- com·pu·ter·zaak
- samenstelling van computer zn en zaak zn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | computerzaak | computerzaken |
| verkleinwoord |
- (handel) winkel waar men computerapparatuur en computerbenodigdheden verkoopt
- ▸ Jenny's moeder was op een dag in de zomer van 2009 computerzaak Dixons aan de Kinkerstraat binnengestapt om zich te laten voorlichten over nieuwe fotoapparatuur.[1]
- ▸ Omdat hij vond dat zijn computer niet snel genoeg meer was, bracht hij deze in juni 2009 naar een computerzaak om deze na te laten kijken. Daar werden compromitterende foto's en video's op de computer ontdekt en kwam Benno L. in beeld als verdachte.[2]
- Het woord computerzaak staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑ “Tonio : een requiemroman” (2011), De Bezige Bij
, ISBN 9789023467014 - ↑
Weblink bron Marc van Dam“'Ik hoopte dat ze niets zouden merken'” (31-05-2010), NOS
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Handel in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal