fijnscheuren
Uiterlijk
- fijn·scheu·ren
- samenstelling van fijn en scheuren
fijnscheuren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| fijnscheuren |
scheurde fijn |
fijngescheurd |
| zwak -d | volledig | |
- overgankelijk in heel kleine stukjes maken door te scheuren
- Hij maakte Engels pluksel door grote lappen stof fijn te scheuren.
- Het woord 'fijnscheuren' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-d) in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal